Waar komen trucs vandaan?

Dat is een vraag die ik regelmatig krijg.

Veel mensen denken dat goochelaars een catalogus openslaan, een truc bestellen en vervolgens klaar zijn.

Soms gebeurt dat.

Maar meestal werkt het voor mij heel anders.

Voor mij begint een nieuw effect vaak niet met een methode.

Het begint met een verhaal.

Of een film.

Of een thema.

Op dit moment ben ik bijvoorbeeld alle Harry Potter-films opnieuw aan het kijken.

Niet omdat ik vergeten ben hoe ze aflopen.

Maar omdat ik op zoek ben naar momenten die magisch voelen.

Welke scènes blijven hangen?

Welke krachten spreken tot de verbeelding?

Welke ervaringen zou ik zelf willen meemaken als ik in die wereld leefde?

Pas daarna ga ik nadenken over de magie.

Ik vraag mezelf bijvoorbeeld af:

“Hoe kan ik iemand laten voelen dat hij Superman is?”

Daar begint het.

Niet bij een truc.

Maar bij een ervaring.

Zo heb ik een effect ontwikkeld waarbij een kind de rol van Superman krijgt.

Iedereen kijkt naar exact dezelfde tekst.

Iedereen ziet hetzelfde.

Maar het kind dat de Superman-bril heeft gedragen, kan ineens Krypton lezen.

De rest van het publiek ziet alleen onbegrijpelijke symbolen.

Dat moment waarop iedereen beseft dat één persoon blijkbaar iets kan wat niemand anders kan…

Dat is de magie waar ik naar op zoek ben.

Hetzelfde geldt voor Superman’s röntgenzicht.

Niet de vraag:

“Hoe laat ik iets verdwijnen?”

Maar:

“Hoe laat ik iemand voelen alsof hij daadwerkelijk een superkracht bezit?”

Dat is een totaal andere manier van denken.

En daardoor ontstaan vaak totaal andere effecten.

Hetzelfde gebeurde met gedachtelezen.

Ik wilde ooit een superheld creëren die gedachten kon horen.

Dus ontwierp ik een speciale helm.

Volledig 3D-geprint.

Geen speakers.

Geen verborgen oortjes.

Niets dat verdacht oogt.

Vervolgens laat ik iemand anders aan een kaart of superheld denken.

En het kind met de helm hoort zogenaamd die gedachte in zijn hoofd.

“Captain America…”

“Captain America…”

En vervolgens noemt het kind exact wat de ander denkt.

Voor het publiek voelt dat alsof iemand tijdelijk een superkracht heeft gekregen.

Wanneer ik nieuwe effecten ontwikkel, kijk ik daarom vaak niet naar wat er al bestaat.

Ik kijk eerst naar wat ik wil dat mensen ervaren.

Daarna ga ik pas zoeken naar een methode.

Soms ontdek ik dat er al een techniek bestaat die perfect werkt.

Soms vind ik een techniek die oorspronkelijk voor iets totaal anders bedoeld was.

En soms bestaat er simpelweg nog niets wat doet wat ik wil.

Dan begint misschien wel het leukste deel.

Dan ga ik bouwen.

Ik ontwerp mijn eigen props.

Ik print onderdelen met mijn 3D-printer.

Ik pas bestaande ideeën aan.

Of ik creëer iets compleet nieuws.

Dat is één van de voordelen van mijn achtergrond.

Ik ontwerp.

Ik teken.

Ik bouw.

Ik programmeer.

Ik maak websites.

Ik print prototypes.

Daardoor ben ik niet afhankelijk van wat de goochelwereld toevallig verkoopt.

Als iets niet bestaat, kan ik proberen het zelf te maken.

Dat is vaak nog leuker.

Want uiteindelijk verzamel ik niet zomaar effecten.

Ik probeer werelden te bouwen.

Een Harry Potter-wereld.

Een superheldenwereld.

Een piratenwereld.

En binnen die wereld moet de magie logisch voelen.

Misschien is dat ook waarom ik nog steeds zoveel plezier haal uit het ontwikkelen van nieuwe effecten.

Want soms begint een nieuwe goocheltruc niet met een geheim.

Maar met een simpele vraag:

“Wat als iemand vandaag écht Superman zou kunnen zijn?”