Eén van de opmerkingen die ik het vaakst hoor na een optreden is:
“Dat ging zeker heel snel?”
Of:
“Je handen zijn gewoon sneller dan mijn ogen.”
Soms klopt dat.
Vingervlugheid is absoluut een onderdeel van het vak.
Maar veel minder dan mensen denken.
Sterker nog, ik gebruik vaak verschillende methodes voor exact hetzelfde effect.
Soms zit er vingervlugheid in.
Soms psychologie.
Soms een slimme constructie.
Soms een combinatie van alles tegelijk.
Het grappige is dat het publiek meestal hetzelfde ervaart.
Voor hen verdwijnt de kaart.
Voor hen verschijnt het voorwerp.
Voor hen gebeurt het onmogelijke.
De route ernaartoe zien ze niet.
Dat is een beetje alsof twee mensen naar dezelfde bestemming rijden.
De één neemt de snelweg.
De ander rijdt binnendoor.
Uiteindelijk komen ze allebei op dezelfde plek uit.
Bij magie werkt dat vaak precies zo.
En juist daarom moet ik soms lachen wanneer iemand zegt:
“Ik zag het hoor, je deed iets heel snel.”
Want als ik merk dat iemand denkt dat alles draait om snelle handen, geef ik de regie graag uit handen.
Letterlijk.
Dan geef ik de kaarten aan de toeschouwer.
Laat ik hen schudden.
Laat ik hen keuzes maken.
En soms laat ik hen zelfs het effect uitvoeren.
Dat zijn vaak mijn favoriete momenten.
Want ineens verdwijnt de verklaring.
Als ik niets meer vastheb.
Niets meer aanraak.
En de magie gebeurt alsnog…
…dan wordt het lastig om de schuld aan mijn snelle handen te geven.
Dat is ook één van de redenen waarom ik zo graag met publiek werk.
Magie wordt veel sterker wanneer het gebeurt in de handen van iemand anders.
Als ik een kaart laat verdwijnen, denken mensen:
“Knap.”
Als dezelfde kaart verdwijnt terwijl zij hem zelf vasthouden?
Dan wordt het ineens een heel ander verhaal.
Want hoe verklaar je iets dat in je eigen handen gebeurt?
Uiteindelijk draait magie voor mij niet om snelheid.
Het draait om dat moment waarop iemand even geen logische verklaring meer heeft.
En of dat nu gebeurt met vingervlugheid, psychologie, een slimme methode of een combinatie van alles…
Dat maakt eigenlijk niet zoveel uit.
Want het publiek onthoudt zelden hoe iets gebeurde.
Maar ze onthouden vaak nog jaren hoe het voelde.